Ode aan het landschap | Beheerder Arend Sonneveld

 

Dit jaar brengt de vereniging Noardlike Fryske Wâlden een ‘Ode aan het landschap’. We brengen daarom iedere maand één van de ruim 600 beheerders in beeld. Zij zorgen er immers voor dat het gebied zo uniek en goed onderhouden is. Deze maand melkveehouder en weidevogelbeheerder Arend Sonneveld. Samen met zijn vrouw en zoon runt hij een melkveehouderij bedrijf in Kollumerpomp.

 


 

Arend, Arend en Jitse Sonneveld

Weidevogelbeheer

Naast het houden van ruim 200 koeien en het uitvoeren van loonwerk is het uitvoeren van het Agrarisch Natuurbeheer voor de familie erg belangrijk. Arend Sonneveld en zoon Arend doen dan ook veel in het weidevogelbeheer, op 30% van hun land hebben zij agrarisch natuurbeheer. Dit bestaat onder andere uit grasland met rustperiode, kruidenrijk grasland, hoogwater peil en een plasdrasgebied. Daarnaast zit op een groot deel van het gebied legselbeheer. Bij legselbeheer beschermt de beheerder de nesten en de omgeving tijdens de werkzaamheden op het land. Dit gebeurt met nestbeschermers. Hierdoor wordt de kans dat de legsels uitkomen sterk vergroot. Zodra er kuikens in het land zijn is het belangrijk dat er in de directe omgeving bereikbaar foerageergebied aanwezig is voor de jonge weidevogels. Daarom vindt Arend Sonneveld de aanwezigheid van kruidenrijk grasland belangrijk.

Natuur doorgeven

Waarom zoveel weidevogelbeheer? “Het past goed binnen een deel van ons bedrijf. Niet alle landerijen zijn geschikt voor weidevogelbeheer, maar bepaalde percelen van ons bedrijf hebben de juiste ligging ervoor. We gaan wel met de tijd mee en moderniseren ook. Bij een telefoon heb je ook geen draadje meer, zo gaan we in het bedrijf ook met de tijd mee.” Sonneveld vindt het belangrijk dat de zorg voor de natuur op het bedrijf blijvend wordt ingepast. “We willen de natuur ook graag doorgeven aan de volgende generatie. Zo stond ik vorig jaar met mijn kleinkind Jitse van 5 naar de vogels in het land te kijken, toen er een vogel overvloog zei hij: “Ik mis je.” Daarmee bedoelde hij de moedervogel die het kuiken zoekt. “Die spontaniteit van een kind, dat is het mooie van het geheel.” Ook nu lopen de drie generaties weer door het land en is Jitse druk op zoek naar eitjes. Trots glundert hij dan ook als hij een nestje heeft gevonden.

Kleinzoon Jitse Sonneveld bij het nest met eitjes

Proef met braakstroken

Door het geclusterde gebied en aangrenzende percelen met weidevogelbeheer is er in dit gebied minder predatiedruk. “Wanneer er een roofvogel overvliegt en er zijn maar 2 kieviten dan gaat het mis, maar door de grote groepen weidevogels zijn ze samen sterk tegen de predatoren”. Ook nu heeft Arend alweer minstens 35 nesten gesignaleerd en komen er nog elke dag nieuwe nesten bij. Het weidevogelseizoen is dus alweer vol in gang. Ook doet het bedrijf momenteel mee aan een proef met braakstroken.

Braakstroken zijn specifiek bedoeld voor kieviten. Zij zijn gebaad bij stukken zwarte grond waar de kievitkuikens goed kunnen foerageren. Daarnaast warmt zwarte grond sneller op dan gras, wat ervoor zorgt dat kuikens van de kievit minder snel doorweekt en koud zijn ’s ochtends bij zonsopkomst. Een warme ondergrond zorgt er ook voor dat de bodeminsecten wat meer in beweging komen en dus beter beschikbaar zijn voor de kievitkuikens. Een aantal van de braakstroken worden gemonitord door Altenburg en Wymenga, samen met een student van hogeschool Van Hall Larenstein. Zij plaatsen potvallen voor de inventarisatie van de insecten, zenderen een aantal volwassen kieviten en monitoren kievitgezinnen op en rond de braakstroken.

Braakstrook bij Sonneveld

Samen met regisseurs en nazorgers

Of Arend mee wilde doen aan de proef met braakstroken werd gevraagd door Jan Medenblik. Samen met Koos Huizinga zijn zij de beheerregisseurs van het gebied. Deze samenwerking bevalt Arend goed. “Ze zijn erg enthousiast en denken altijd oplossingsgericht.” De beheerregisseur is als het ware de schakel tussen het bureau van NFW en de beheerder. “Als een beheerder iets anders of iets nieuws wil op het land, komen ze bij Koos en mij en gaan we er samen naar kijken. Is het inpasbaar in het bedrijf? Wij geven de beheerders daar advies over. En ook verder in het seizoen komen wij als regisseurs in beeld. Wij beoordelen of er nog broedende vogels zijn en wanneer de beheerders los kunnen met landwerkzaamheden.”

“Het is een prachtige samenwerking”, aldus Medenblik. “En niet alleen met Sonneveld, we hebben geweldige beheerders in ons gebied en veel boeren werken hieraan mee. Het is een mooie functie. Wij mogen het veld in en zien waar de jonge kuikentjes voor het eerst hun vleugeltjes uitslaan. Dat ik dat samen met Koos doe is heel mooi, als je samen bent kan je altijd even overleggen wat het beste is en hoe je iets aan kan pakken.”

Koos Huizenga (links) en Jan Medenblik (rechts).

Naast de beheerregisseurs spelen voor Sonneveld ook de nazorgers een belangrijke rol en zijn ze onmisbaar in het weidevogelgebied. Zij gaan het land in op zoek naar de eerste eieren. In dit gebied werd het eerste ei een paar weken geleden gevonden door nazorger Jilt Bremer. Al ruim 30 jaar zet hij zich in als nazorger voor NFW. “Elke maandag ga ik met nog drie nazorgers het land in en kijken we of er wat ligt”. Je ziet van alles, dat is heel mooi. Ook nu ziet Bremer hier en daar de eerste nesten al en zijn er in deze tijd van het jaar al meer vogels dan vorig jaar. Wel heeft hij in de 30 jaar als nazorger gezien dat het aantal weidevogels terugloopt. “Maar de boeren zijn er wel serieuzer mee bezig en willen zich ervoor inzetten, dat is belangrijk.”

Gezamenlijke aanpak + resultaat werkt motiverend

Arend Sonneveld denkt dat boeren best bereid zijn om wat voor de vogels te doen. “Maar ze moeten niet tegengewerkt worden.” En persoonlijk moet je er ook echt wel wat mee hebben. “De vergoedingen zijn absoluut niet toereikend voor het geheel, dat vinden we jammer. Vergoedingen met correctie op de eiwitprijs zou volgens ons dan ook een goede oplossing zijn.”

Voor Sonneveld is de samenwerking met beheerregisseurs en nazorgers heel belangrijk en motiverend. “Deze samenwerking draagt absoluut bij aan het mooie resultaat dat in dit gebied te zien is. Maar ook het resultaat zelf draagt daaraan bij. “Als je ziet dat er veel nesten zijn heb je er ook meer plezier in dan wanneer je weinig tegenkomt. De gezamenlijke aanpak en het resultaat dat we zien zorgt er dan ook voor dat we de vogels niet alleen een warm hart toe wíllen dragen, maar ons er ook in de praktijk voor willen en kunnen inzetten.”