In beeld: Akkervogeltellers Sies Krap en Germ Hoekstra

We nemen jullie mee in het akkervogelbeheer. Zeven van onze leden voeren beheer ten gunste van de akkervogels uit in het gebied rondom Kollumerpomp. Het beheer bestaat hier uit kruidenrijke akkerranden, vogelakkers en wintervoedselakkers.

Kruidenakkerranden zijn randen die ingezaaid worden met granen en kruiden. Ze dienen als broed- en schuilgebied en daarnaast wordt de kruidenrijke akkerrand door vogels ook gebruikt als foerageergebied. Niet alleen vogels maar ook zoogdieren, insecten, reptielen en amfibieën gebruiken de akkerranden als voedselbron en schuilgelegenheid.

Vogelakkers bestaan uit een afwisseling van stroken met een meerjarig groenvoedergewas en stroken natuurbraak (ingezaaid met een mengsel van granen en kruiden). Vogelakkers dienen ’s zomers en ’s winters als foerageergebied voor akkervogels en zijn met name ook bedoeld voor muizenetende roofvogels en uilen en overwinterende akkervogels.

Wintervoedselakkers zijn belangrijk voor in Nederland overwinterende vogels. Deze akkers bestaan voor het grootste gedeelte uit granen en kruiden die niet worden geoogst en ondergeploegd tot het volgende jaar. De zaden blijven daardoor op de akker en zijn een belangrijke voedselbron voor overwinterende akkervogels. De wintervoedselakker trekt ook muizen aan en daarmee roofvogels en uilen. In de zomer trekt de wintervoedselakker vele insecten aan die een voedselbron vormen voor vogels. De wintervoedselakker zorgt gedurende het jaar voor een hoge biodiversiteit.



Altijd een verassing wat je tegenkomt

Om te meten wat het effect van het beheer is wordt iedere maand een akkervogeltelling gedaan. We spreken hierover onze weidevogelcoördinator en teller Sies Krap en mede teller Germ Hoekstra. Samen gaan zij vanuit de vogelwacht Kollum e.o. het veld in om de akkervogels te tellen. “Het is altijd een verrassing wat je tegenkomt”.

“Wij doen de akkervogeltellingen sinds mei 2021, toen zijn we begonnen met de broedvogels in de akkerranden. De telling gebeurt elk begin van de maand met zes tellers in de verschillende gebieden. Het gehele gebied wordt opgesplitst en in elk deel gaat een duo tellen. Geprobeerd wordt dit zoveel mogelijk tegelijk te doen, in elk geval binnen één weekend om de dubbeltellingen te voorkomen. Dit voorjaar zijn we weer met 7 tellers om de broedvogels in kaart te brengen.

Het mooie aan de tellingen is dat het altijd een verrassing is wat je tegenkomt. Wat gaan we zien, hoeveel, welke soorten en is er nog iets bijzonders te zien? Ook is het natuurlijk gezellig om met een groep het veld in te gaan om dit met elkaar te beleven.

We hopen de patrijs nog een keer weer terug te krijgen, een hele typische akkervogel die tot 35 jaar terug heel regelmatig te zien was. Uit mijn jeugd ken ik deze heel goed, tussen de aardbeiplanten was er dan een nest met heel veel eieren. Kwamen de jongen uit, dan konden ze na een paar weken al vliegen. Heel bijzonder achteraf, maar toen voor ons heel gewoon.”

In het weekend van 4 en 5 februari werden er onder regenachtige en winderige weersomstandigheden vogels geteld. Zo werden er 227 holenduiven, 65 vinken en 60 kieviten geteld. Maar ook soorten als de fazant, watersnip, winterkoning en kwartel werden gezien. Bekijk alle resultaten van de telling in onderstaand overzicht. Aan de hand van de resultaten van de tellingen kan het beheer beoordeeld en geoptimaliseerd worden.

Bekijk ook het uitgebreide rapport over monitoring van akkervogels in de Noardlike Fryske Wâlden in 2021
Bij vragen over het beheer kunt u contact opnemen met Sies Krap via bureau NFW.