Collectief beheerplan

Helmalente_089Uit landelijke pilots is gebleken dat bij samenwerking tussen alle beheerders (boeren, vrijwilligers, natuurbeheerders, groot grondbezitters, particulieren, en/of waterschap) de beste resultaten worden gehaald. Bij weidevogelbeheer is een collectief beheerplan verplicht. Een collectief beheerplan is een plan waarin de coördinatie en afstemming van collectief agrarisch natuurbeheer, wordt opgesteld door een gebiedscoördinator. Een gebiedscoördinator is een rechtspersoon die collectief agrarisch natuurbeheer coördineert en beschikt over een geldig certificaat coördinatie agrarisch natuurbeheer. Voor de NFW treedt de vereniging NFW op als gebiedscoördinator.


Een collectief beheerplan geeft het gebied aan waarbinnen weidevogelbescherming door middel van mozaïekbeheer plaatsvindt. Een collectief beheerplan kan uit meerdere gebieden met mozaïekbeheer bestaan. Voor de NFW wordt één collectief beheerplan opgesteld. Het mozaïek moet liggen in een gebied met een omvang van minimaal 100 hectare. Binnen dit gebied mogen geen barrières voor de kuikens aanwezig zijn.
Het collectieve beheerplan moet bestaan uit:

1. Een kaart waarop de begrenzing van de mozaïeken en de samenstelling op basis van de gekozen beheerpakketten is weergegeven met een schaal van minimaal 1 : 25.000.
2. Een tekst waarin ten minste een beschrijving van de volgende onderdelen is opgenomen:
  • Het huidige aantal broedparen en de ambitie voor het aantal broedparen,
  • Gebiedsbeschrijving van de huidige situatie met betrekking tot de grondwaterstand, openheid, rust en de infrastructuur,
  • De uitgangspunten op basis waarvan het gebied is begrensd,
  • De vorm van de samenwerking in het gebied, welke overlegstructuur is er, wie is de gebiedscoördinator en hoe is de afstemming met de beheerders,
  • De taakverdeling tussen de beheerders en de vrijwilligers,
  • De benodigde inrichtingsmaatregelen,
  • Het monitoringsprogramma.
3. Het mozaïekplan met daarin een beschrijving en een kaart van het te voeren beheer. De kaart mag dezelfde kaart zijn als de kaart bij het collectief beheerplan

Inrichting
Naast beheer kunnen in de gebiedsplannen inrichtingswensen worden opgenomen en begroot. Bij inrichtingsmaatregelen kan worden gedacht aan het aanpassen van de waterhuishouding (verhogen grondwaterstand; creëren van plasdras-situaties) of het herstellen, creëren van openheid en rust.Indien gewenst kan er door middel van inrichtingsmaatregelen meer openheid gecreëerd worden, bijvoorbeeld door beplanting of ruigte te verwijderen.

Mozaïekplan
Mozaïekbeheer is een zodanige afwisseling in grondgebruik dat een gebied voldoende
perspectief biedt voor vestiging, legsels en jongen van Gruttobroedparen, om uiteindelijk
voldoende uitvliegsucces te hebben om de populatie in stand te houden en uit te breiden. In een mozaïekplan wordt aangegeven waar, welk beheer zal worden gevoerd. De verhoudingen van de verschillende soorten beheer maken een gebied aantrekkelijk voor de grutto. De minimale oppervlakte van het gebied, waarvoor het mozaïekplan wordt opgesteld, is 100 hectaren binnen een weidevogelkerngebied.

Kuikenland
In de belangrijke gruttogebieden geldt een minimumeis aan de oppervlakte ‘kuikenland’. Per gruttobroedpaar moet 1,4 (gewogen) hectare kuikenland aanwezig zijn. Het kuikenland moet gespreid in tijd en ruimte beschikbaar zijn. Spreiding in tijd betekent dat er gedurende de hele opgroeifase van de kuikens kuikenland aanwezig is. Spreiding in ruimte betekent dat het kuikenland bereikbaar is voor de kuikens. Kuikenland kan via verschillende graslandbeheersvormen worden gerealiseerd. Iedere beheervorm heeft een andere weegfactor. Meer informatie.

Parels
In sommige gevallen kan een aanvrager niet deelnemen aan een weidevogelkring. Dit kunnen wel hele waardevolle 'parels' zijn voor de weidevogels. De 'parels' van minder dan 100 hectaren binnen, buiten of gedeeltelijk buiten het weidevogelkerngebied kunnen subsidie aanvragen mits wél aan de overige voorwaarden wordt voldaan.

Collectief weidevogelbeheerplan Noardlike Fryske Wâlden
Het CB NFW is tot stand gekomen in overleg met de boeren uit het gebied die in het verleden hebben meegedaan aan het weidevogelbeheer. De gebiedscoördinatie is de verantwoordelijkheid van de vereniging de NFW. Het weidevogelbeheerplan NFW bestaat uit 18 deelgebieden. In deze gebieden werken de volgende partijen samen aan het weidevogelbeheer.

  • Individuele behheerders (boeren)
  • De agrarische natuurvereniging aangesloten bij de NFW
  • De plaatselijke vogelwachten
  • De wildbeheereenheden
  • De terreinbeherende instanties voorzover deel uit makend van het deelgebied.


Het “greidefûgelkrite” bestuur, gevormd uit de vertegenwoordigers van de hiervoor vermelde partijen, komt minimaal twee keer per jaar bij elkaar om de gang van zaken te bespreken. In het bestuur zit minimaal één bestuurslid van een ANV. De besturen zijn verantwoordelijk voor een samenhangend pakket en afspraken over doelen, organisatie, taken en verantwoordelijkheden, werkwijze, planning en inzet van mensen voor de deelgebieden. Verder zijn voorlichting, educatie en rekrutering van vrijwilligers onderdeel van het collectief beheerplan NFW. Klik voor het volledige Collectief weidevogelbeheerplan NFW hier.

Home Weidevogels Collectief beheerplan
naar boven

© NFW